< Ga terug naar de homepagina.


Marcel de Groot

DOOR


"Lichtvoetig, indringend en immer oprecht"

Marcel de Groot gaat door met DOOR. Nieuwe liedjes, oudere liedjes, stokoude liedjes, een verhaal en enkele anekdotes. Marcel de Groot zal het allemaal even charmant brengen met koele humor en die warme, donkerbruine stem. Lichtvoetig (ja echt), indringend (uiteraard) en immer oprecht (eerlijk waar).
In dit programma speelt Marcel samen met bassist Bart de Ruiter. Bart speelde eerder met o.a. Fay Lovsky, Ellen ten Damme, Freek de Jonge, B-Movie Orchestra en Concordia met Huub van der Lubbe.
 
In 1991 zet Marcel de Groot zijn eerste stappen op het toneel in de Robert Long-musical Tsjechov en schrijft hij de muziek voor ‘How To Survive A Broken Heart’, de eindexamenfilm van regisseur Paul Ruven. In 1992 neemt hij, samen met jeugdvriend Boris Kothuis, zijn eerste album op onder leiding van Golden Earring-man George Kooymans.
 
Marcel formeert een band om zich heen en de optredens komen binnen. Zo toert hij onder meer het land door als voorprogramma van de Golden Earring. De tweede plaat ‘Manen Kweken’ levert een hit op: ‘Mag Ik Naar Je Kijken’. De single behaalt de top 10 van de Nederlandse top 40 en Marcel krijgt het druk.
 
In 2004 sluit Marcel zich aan  sluiten bij Maarten van Roozendaal. Samen met bassist Egon Kracht maken ze vier theaterprogramma’s, die zonder uitzondering luid bejubeld worden. Het programma Barmhart wordt genomineerd voor de Poelifinario 2007 en in 2008 wordt deze theaterprijs gewonnen met het programma Het Wilde Westen.
Inmiddels is de Groot een veelzijdig en veelgevraagd gitarist en ook als componist weten steeds meer artiesten hem te vinden, zoals Beatrice van der Poel, Theo Nijland, Jan Rot, Ricky Koole en Paul de Leeuw.
Zijn vorige voorstelling #HELD werd lovend ontvangen en met zijn lied Woordenman sleepte hij zelfs een nominatie voor de prestigieuze Annie M.G. Schmidtprijs in de wacht.
 
Zang en gitaar: Marcel de Groot
Bas: Bart de Ruiter

http://www.marceldegroot.info
 
Dit concert is mede mogelijk door de financiële steun van de M.T. Guggenheim Foundation